Flensjes met jam Voor 12 stuks 100 g bloem 2 eieren 250 ml melk 25 g boter Neutrale olie Zout
2 el abrikozen jam 2 tl geraspte sinaasappelschil 2 el fijne kristalsuiker 50 ml cognac Vanille suiker
Flensjes Zeef de bloem en roer er grondig de eieren en 3-4 el melk door. Rer er beetje bij beetje de rest van de melk door; het beslag moet tamelijk dun zijn. Smelt de boter in een bainmarie of hittebestendige kom boven een pan pruttelend water, laat hem bijna afkoelen en roer door het beslag. Voeg zout naar smaak toe, roer opnieuw een paar minuten met een kleine garde en laat het beslag minimaal 1 uur staan. Bestrijk de bodem van de flensjespan met olie, verhit hem en giet er twee eetlepels in. Draai de pan schuin rond zodat het beslag zich gelijkmatig verspreidt. Bak 3-4 minuten of tot de onderkant goudbruin is, keer hem met een spatel en bak ook de andere kant in een paar minuten goudbruin. Laat de flensjes op een bord glijden. Voor zoete flensjes vervangt u het zout door suiker.
Bak 12 flensjes, stapel ze met een vetvrij papier ertussen op een bord en houd ze warm. Doe de abrikozenjam, sinaasappelrasp, suiker en 5 el water in een steelpannetje en breng alles aan de het van het vuur en voeg de cognac toe. Bestrijk de flensjes ermee en vouw ze in vieren. Leg ze op een schaal, bestrooi ze met vanillesuiker en zet ze warm op tafel.
|
|
|